Hoe meet je pagespeed?
PageSpeed Insights (PSI) meet een pagina op mobiel en desktop en geeft adviezen om die sneller te maken. De tool laat twee soorten gegevens zien:
| Kenmerk | Velddata | Labdata |
|---|---|---|
| Bron | Chrome User Experience Report (CrUX): echte Chrome-gebruikers | Lighthouse: een gesimuleerde paginalading |
| Periode | De afgelopen 28 dagen | Eén test, op dat moment |
| Meetwaarden | Onder meer LCP, INP, CLS en FCP | Onder meer FCP, LCP, Speed Index, CLS en Total Blocking Time |
| Sterk in | Laten zien wat bezoekers echt ervaren | Problemen opsporen in een vaste omgeving |
Velddata zijn er alleen bij genoeg bezoekers. Is een pagina nieuw of heeft die weinig bezoek, dan toont PSI de cijfers van de hele site. Soms is ook dat niet genoeg en ontbreken de velddata helemaal. PSI toont steeds het 75e percentiel: driekwart van de bezoeken is even snel of sneller dan die waarde. Google kiest dat getal zodat je ook de vervelendste ervaringen op je site ziet.
Wat zegt de PageSpeed-score?
De score van 0 tot 100 komt uit de labtest. Lighthouse simuleert op mobiel een middenklasse-telefoon op een mobiel netwerk. Naast Performance kijkt Lighthouse ook naar toegankelijkheid, best practices en SEO. Voor de score geldt deze indeling:
- 90 tot 100: goed.
- 50 tot 89: verbetering nodig.
- 0 tot 49: slecht.
De Performance-score is een gewogen gemiddelde van vijf meetwaarden. Total Blocking Time telt het zwaarst mee, voor 30 procent. Dat is de tijd waarin de pagina tijdens het laden niet op klikken of typen kan reageren. Een score van 100 is erg moeilijk en ook niet nodig. Reken er ook op dat de score per test schommelt. Wisselende advertenties, een A/B-test of een browserextensie zijn genoeg voor een ander getal. En een groene labscore betekent niet automatisch dat echte bezoekers een snelle pagina krijgen.
Wat zegt Google over pagespeed en ranking?
Snelheid telde al langer mee voor zoekopdrachten op desktop. Sinds juli 2018 geldt dat ook op mobiel. Google noemde dat de Speed Update. Die raakte alleen de traagste pagina’s en een klein deel van de zoekopdrachten. Een trage pagina kon volgens Google nog steeds hoog staan met sterke, relevante inhoud.
Tegenwoordig noemt Google de Core Web Vitals als het deel van de pagina-ervaring dat de rankingsystemen gebruiken. LCP en INP gaan daarin over snelheid. CLS meet geen snelheid, maar hoeveel de pagina verspringt. Goede cijfers garanderen geen hoge positie. Google toont altijd de meest relevante inhoud, ook als de pagina-ervaring minder goed is.
Voorbeeld: een lage score, maar snelle pagina’s
Een installatiebedrijf uit Amersfoort test de homepage in PageSpeed Insights. De mobiele score is 41 en kleurt rood. Bovenaan staat ook de beoordeling van de Core Web Vitals op basis van echte bezoekers. Die is geslaagd.
De lage labscore komt vooral door Total Blocking Time. Een chatwidget laadt veel JavaScript, terwijl de pagina nog opbouwt. Het bedrijf laat de widget pas na het laden starten. De labscore stijgt naar 76. De velddata blijven goed. Juist die cijfers gebruikt Google in de ranking.
Veelgestelde vragen over Pagespeed
Wat is een goede pagespeed-score?
In PageSpeed Insights is 90 tot 100 goed. 50 tot 89 vraagt om verbetering en onder de 50 is slecht. Een score van 100 is erg moeilijk en ook niet nodig.
Waarom verschilt mijn score bij elke test?
De labtest hangt af van omstandigheden, zoals het netwerk en wisselende advertenties. Kleine verschillen zijn dus normaal. Kijk daarom ook naar de velddata van echte bezoekers.
Telt pagespeed mee voor je positie in Google?
Ja, via de Core Web Vitals. Google gebruikt die in de rankingsystemen. Google toont wel altijd de meest relevante inhoud, ook als een pagina minder snel is.